Huangshan is een van de beroemdste bergen in China. Menig Chinese dichter en schilder heeft de ‘Gele Berg’ als bron van inspiratie gebruikt. Deze berg stond dan ook hoog op onze todo-lijst. We hebben diverse bergen laten schieten om onze energie te sparen voor de beklimming van Huangshan. En achteraf bezien, hebben we dit niet verkeerd ingeschat. De beklimming was behoorlijk zwaar! Maar het was het allemaal waard, want Huangshan is echt schitterend!
De reis er naar toe
Voor Huangshan hadden we in totaal drie dagen uitgetrokken. De eerste dag zijn we met de trein vanuit Nanjing naar het dichtsbijzijnde stadje gegaan, Huangshan City a.k.a. Tunxi. Dit stadje is de springplank voor de beklimming van Huangshan. De treinreis duurde ca. 6 uur en was rustig en redelijk comfortabel (ondanks dat we hardseats hadden). In Tunxi hebben we overnacht in een hostel. In het dorp is verder weinig te doen of te zien. We hebben wat ingeslagen voor de volgende twee dagen op de berg, aangezien het eten en drinken duurder wordt naarmate je hoger komt. Daarna zijn we maar vroeg gaan slapen aangezien we om 6.30 de bus moesten hebben naar Huangshan.
Vanaf het station gaan tientallen busjes richting Huangshan. De rit duurt ongeveer anderhalf uur en kost 13 yuan (1,30 euro). In de bus hebben we Bindoo ontmoet, een Canadees uit Edmonton, wiens ouders oorspronkelijk uit India komen. Bindoo werkt sinds twee maanden in Suzhou als leraar Engels. Samen met Bindoo begonnen we aan de zware beklimming.
De beklimming
Er zijn drie routes om Huangshan te beklimmen. Een zware, een nog zwaardere, en de makkelijke route. De makkelijkste manier om Huangshan op te gaan is met de kabelbaan. Aangezien dit voor ons weinig uitdaging is, was dit geen optie voor ons. Wij hebben gekozen voor de zware optie. Dat is een 6,5 km lange beklimming langs de oostkant, waarvan het pad alleen uit trappen bestaat. De nog zwaardere route gaat langs de westkant, en is maar liefst 13 km lang.
Hoewel de beklimming zwaar was, is het me alleszins meegevallen. In totaal hebben we er 3 uur over gedaan. Ook Jiok heeft de klim goed overleefd. Bindoo was er wat slechter aan toe, aangezien hij normaal gesproken weinig aan beweging doet en de afgelopen twee maanden als een gek gezopen en gerookt heeft. Onze hikes naar de Everest Base Camp en in Yading vond ik veel zwaarder. Ik denk dat de hoogte toen veel meer invloed had. In Huangshan klim je naar ongeveer 1500 meter hoogte, dus er is in ieder geval genoeg zuurstof. Wat heel opvallend is, is dat je tijdens de klim constant mannetjes ziet die (zware) spullen naar boven en naar beneden brengen. Dit verklaart ook deels de dure prijzen van goederen naarmate je hoger op de berg komt. Ongelofelijk dat ze daarvoor niet de kabelbaan gebruiken…
Huangshan is eigenlijk een verzameling van bergen en pieken. Boven zijn er enkele trails die je kunt bewandelen. Deze zijn gelukkig over het algemeen wat vlakker. Tevens merk je ook hier dat het toerisme in China enorm groeit. Regelmatig kom je hordes toeristen tegen, begeleid door een gids, die door een mobiele speaker alle weetjes opratelt. Tja, ook hier is er weinig mogelijkheid om in rust te genieten van de omgeving.
De overnachting
Als je een trip naar Huangshan maakt, moet je eigenlijk een nacht doorbrengen boven op de berg. Sommige mensen doen Huangshan in een dag. Dan is het onvermijdelijk om minstens een keer de kabelbaan te nemen. Naar boven en naar beneden lopen is een te zware aanslag op je fysieke gesteldheid. Wij hebben er idd voor gekozen om een nacht op de berg te blijven, zodat we een zonsondergang en zonsopgang kunnen zien. Op de berg zijn een aantal hotels en blijkbaar ook een hostel. De hostel hebben wij niet kunnen vinden. Kamers in de hotels zijn enorm duur. Voor een kamer betaal je al snel 85 euro. Wij hebben voor het eerst gekozen om in een dorm te slapen. Jaja…..we verleggen steeds meer onze grenzen :-). Een bed in een dorm kostte nog steeds 15 euro! En dan deel je een kamer met nog 6 anderen…
De zonsondergang was heel erg mooi. Er zijn verschillende locaties om de zonsondergang te bekijken. Wij kozen voor de Pink (op sommige kaarten Red) Cloud Peak. En toen de zon onderging begrepen we pas waarom deze piek deze naam draagt. Er verscheen een schitterende roze gloed ;-).
Voor de zonsopgang zijn we naar dezelfde locatie gegaan. Hoewel het niet de beste plek was, konden we hier wel ongestoord turen naar de horizon. Een piek verderop was het nl. veel drukker en vooral rumoeriger. Chinezen moeten blijkbaar op zulke momenten allerlei verhalen uitwisselen….. En als de zon tevoorschijn komt, gaan ze als een gek gillen, alsof ze voor het eerst de zon zien ;-). Yeah….! De zon is er! Heel apart allemaal…. En dan te bedenken dat de meeste Chinezen niet eens van zon houden. Op straat zie je regelmatig dames met parapluutjes, bang dat hun huid iets bruin wordt. Hier ben je hoe witter, hoe mooier. Dat is bij ons wel anders ;-).
De afdaling
Na de zonsopgang hebben we goed ontbeten en daarna zijn we begonnen aan de afdaling. We zijn via de westkant (ja, 13 km lang) naar beneden gegaan. Onderweg heb ik de Celestial Peak meegepakt, een van de hoogste pieken op Huangshan. Jiok bedankte daarvoor na het zien van de aanloop, een paar honderd meter steile trap naar boven. Maar woooowww, wat was dit een bizarre hike! Het uitzicht was fenomenaal, en de route ook. Regelmatig stond het zweet op mijn voorhoofd. Niet van de inspanning, maar van het zicht langs de steile wanden naar beneden, en de vaak smalle en enigzins gevaarlijke paden. Hoogtepunt was een stuk waarbij het pad iets meer dan een meter breed was, en aan weerszijden vrijwel recht naar beneden liep. Hier steeg mijn adrenaline naar een hoogtepunt, enerzijds omdat je rondom een schitterend uitzicht hebt en anderzijds elke misstap fataal kan zijn. Het pad naar beneden was net zo spannend met af en toe enorm lange, steile trappen tussen rotsen waar ik met mijn schouders net tussen paste.
Deze omweg heeft mij drie kwartier geduurd, waarna ik Jiok weer ontmoette om de afdaling te vervolgen. Bindoo had ons aan het begin van de afdaling al verlaten en de kabelbaan naar beneden genomen. Hij trok het simpelweg niet meer. In totaal heeft de afdaling zo’n zes uur geduurd.
Ik heb nog een aantal dagen last gehad van spierpijn. Jiok had daarnaast last van een overbelaste knie. Maar we hebben er iig wel een voldaan gevoel aan overgehouden. Wij hebben twee dagen rondgehangen op Huangshan en niet alles gezien. Je kunt er gemakkelijk drie dagen verblijven. Ach, misschien voor de volgende keer (niet als het aan Jiok ligt ;-)).