Archive for the ‘Natuur’ Category

Jiuzhaigou Nature Reserve

Friday, October 20th, 2006

Een woord: WOOOOOWWW!!! Jiuzhaigou is werkelijk een van de mooiste plekken die we tot nu toe gezien hebben. Jiuzhaigou is een vallei, omringd door beboste bergen met in de vallei schitterende helder turquoise blauwe meren, kabbelende beekjes en prachtige watervallen. In deze tijd van het jaar zijn de bomen op z’n mooist. We hebben alle tinten groen, geel en rood gezien. Het is net alsof je door een sprookjesbos loopt! Een van de meren is zelfs decor geweest voor een scene in de Chinese film Hero.

Ik zal jullie niet vervelen met allerlei achtergrondinformatie van het natuurpark. Die kun je vinden op de engelstalige website van het park. Alleen het verhaal dat in de Lonely Planet staat is wel leuk om even te vermelden. Volgens de legende is Jiuzhaigou onstaan doordat de godin Wunosemo haar spiegel  heeft laten vallen door toedoen van een jaloerse duivel. De spiegel die ze gekregen had van haar grote liefde, god Dage, viel en brak uiteen in 118 stukjes, de 118 meren die het park telt dusssss. Zoveel meren hebben we niet gezien, maar ik kan wel vertellen dat het heeeel erg indrukwekkend was. Ik hoop dat de foto’s wat meer een beeld hiervan kunnen geven. Ik heb maar liefst 500 foto’s gemaakt en Jiok ook nog iets van 150 ofzo. Ik zal ze niet allemaal uploaden, maar de liefhebbers kunnen altijd een verzoek indienen ;-).

Het park kent voor Chinese begrippen een absurd hoge entreeprijs. Maar liefst 220 yuen (da’s 22 euro) en je bent eigenlijk verplicht om daarnaast een ticket te kopen waarmee je door het hele park de bus kunt nemen. Dit kost ook nog eens 90 yuen. Wij dachten lekker cheap te kunnen zijn en de busticket niet te nemen, maar de afstanden in het park zijn net iets te groot. Van ingang tot aan het einde van het park is iets van 35 km, en dan ook nog voornamelijk bergopwaarts. Gelukkig kun je wel gratis je ticket verlengen met een dag. Dus twee dagen toegang voor in totaal 31 euro. Zo gerekend valt het op zich wel mee. En achteraf was het sowieso het geld waard.

In het park zijn er twee valleien. De linker is de minst interessante om in zijn geheel te hiken (ca. 16 km). Het mooiste bevindt zich daar nl. aan het einde, twee prachtige meren. Het weer zat gelukkig ook mee. Helderblauwe lucht en een aangename temperatuur. Wij hebben op de eerste dag deze vallei verkend en de bus heen en terug genomen.

De tweede dag hebben we de rechtervallei genomen. Eerst met de bus omhoog en vervolgens ca. 18 km gehiked. Echt schitterend allemaal. Je loopt door de bossen en ziet onderweg meren, watervallen, rivieren en beekjes. Heeeeeel erg mooi allemaal. Zelf eten meegenomen en gepicknickt langs het water. Het weer was helaas een stuk slechter dan de dag ervoor, maar dat deed geen inbreuk aan de schoonheid van de omgeving. Wij hebben twee dagen het park bezocht, maar in principe kun je gemakkelijk 3 a 4 dagen het park bezoeken. Dan kun je alles nog meer op je gemak bekijken.

Tot 2001 kon je in het park overnachten. Er waren in het park een aantal guesthouses die eenvoudige slaapplaatsen bieden. De gebouwen staan er nog steeds, maar overnachten is dus niet toegestaan. Van onze vrienden hebben we te horen gekregen dat je wel nog stiekem in de guesthouses kunt overnachten. En laat onze grote vriend A Ching (die overigens niet mee was) daar nou een maand voor werk gezeten hebben! Dus hij wist precies waar en bij wie we terecht konden. Wij hebben dus een nacht in het park overnacht, en dit alleen al was een heel aparte ervaring. Bij binnenkomst in het park zijn we meteen naar de verblijfplaats gegaan. Heel sneaky zijn we via een achterdeur door de eigenaresse naar binnengeloodst. Het bleek een tempel te zijn die ook kamers heeft voor gasten. Er werd ons verteld dat we uiterlijk 17.00 terug moesten zijn, en zo geschiedde. Om 17.30 bleek dat we niet de enige gasten waren. Met ca. 20 man werden we naar een kelder in hun huis aan de overkant gebracht. Er schijnt nl. dagelijks gecontroleerd te worden of de guesthouses niet illegaal mensen onderbrengen. We moesten daar blijven wachten tot de controle geweest was. Uiteindelijk hebben we daar gezeten tot 19.15. Ondertussen ook een maaltijd gehad en huisgebrouwen wijn gedronken. We leken net een stel illegalen die zich aan het verschuilen waren. Heel spannend allemaal ;-). Om 19.15 konden we allemaal heel voorzichtig naar onze kamers. Om enige verdenking te voorkomen, mochten we de volgende ochtend ook niet te vroeg weer naar buiten. Wij zijn rond 08.00 naar buiten gegaan. En aan het aantal mensen te zien, zijn er of heel veel mensen die bij opening van het park om 07.00 binnenkomen of zijn er nog veel meer anderen die stiekem in het park hebben overnacht :-). Het was iig te gek om dit mee te maken!

Overigens kent dit park ook een negatieve zijde. Vanwege de schoonheid van dit gebied, heeft dit een enorme aantrekkingskracht op Chinese toeristen. Wij zijn echt geschrokken van de hoeveelheid toeristen hier. Op sommige lokaties moest ik zelfs in de rij staan om een foto te mogen maken! Absurd! Het is net de Efteling zeg maar. Gelukkig neemt het gros van de toeristen de bus, dus als je gaat hiken, kom je iig nog op rustige plekken. Maar als je aan het eind van de dag de bus naar de uitgang wilt nemen, smeer dan alvast je ellebogen in, want het is dringen geblazen. En we hebben gemerkt dat de Chinese oudjes nog het meest fanatiek zijn! Zoals onze chauffeur al zei, het is een illusie om te denken dat je nog op plekken komt waar weinig mensen komen. Vrijwel alle mooie plekjes zijn al ontdekt, en er zijn in China gewoonweg heeeeeel veel mensen. Vaak denk ik zelfs te veel mensen. Jammer, maar zo is het nou eenmaal…. 

7 days in Tibet Part III (onze ervaringen)

Monday, October 9th, 2006

Terwijl Jiok aan het beschrijven is wat we zoal hebben gezien (heeeel veel), zal ik een globale indruk geven van de trip.

Landschap en weer
Op het moment dat we met de Landcruiser Lhasa uitrijden zijn we meteen onder de indruk van het landschap. Overal waar we kijken, zien we alleen maar bergen. Bergen in alle kleuren, structuren en maten. Groene valleien met (yak)koeien, schapen en geiten. Stroomende beekjes, droge rivierbeddingen, het is werkelijk ongelofelijk hoe mooi het landschap is. Onze foto’s kunnen maar moeilijk een beeld schetsen van hoe het werkelijk is. Onze reisgenoten (de Amerikanen, MacKenzie en Scott) waren misschien nog wel enthousiaster! Helaas zie je dat de lokale bevolking en toeristen (vaak Chinezen) niet evenveel respect voor de natuur hebben als wij. Regelmatig zien we enorme troep, plastic, blikjes en zuurstofflessen langs de weg liggen. Waarschijnlijk hebben de Tibettanen hun prioriteit ergens anders liggen, maar de Chinese toeristen zouden toch wel beter moeten weten!

We hebben geluk gehad dat we tot de laatste dag schitterend weer hebben gehad. Vaak helderblauwe luchten en soms wat bewolking. Met de zon kan het heel warm zijn, maar zodra er wat schaduw is, is het meteen koud. We zijn dan ook constant bezig met jas uit en jas aan… Op de een-na-laatste dag krijgen we sneeuw. Net op het moment dat we op weg zijn naar een van de mooiste meren in Tibet (Nam Tso Lake). Dit meer hebben we helaas niet kunnen zien, maar we hebben tenminste wel sneeuw meegemaakt in Tibet ;-).

Wegen
Het wegennet in Tibet is redelijk goed ontwikkeld. We hadden niet verwacht dat er zoveel asfalt zou zijn, van enorm lange (snel)wegen (allemaal eenbaans overig, zoals onze provinciale wegen) tot aan bochtige bergpassen. En er wordt hard gewerkt om de meest doorgaande wegen ook te asfalteren.

Waar we de eerste uren alleen maar op asfalt rijden, gaat het op een gegeven moment over op onverharde wegen. We zijn opeens heel blij dat we toch voor de nieuwere auto hebben gekozen i.p.v. de oude, die veel mindere vering en schokdemping had. Regelmatig zijn we bergen opgereden via onverharde bergpaden die geen vangrail o.i.d. hadden, en waar je letterlijk honderden meters naar beneden kon kijken. Niets voor mensen met hoogtevrees dussss…..

Karma, de Chauffeur
Onze Tibettaanse chauffeur, Karma (met zo’n naam kan ons natuurlijk niets meer gebeuren ;-)), is een hele aardige kerel. Helaas spreekt hij nauwelijks Engels, en spreekt hij Mandarijn met een gigantisch accent, waardoor Jiok hem vaak niet verstaat. Gaandeweg de trip komen we er achter dat hij niet zo goed kan praten en rijden tegelijk, dus laat Jiok hem maar met rust. Hij heeft een zeer veilige rijstijl (lees langzaam) op asfalt en rijdt net zoals alle chauffeurs in China en Tibet met een hand op de claxon. Op de bochtige onverharde wegen is hij in zijn element. Dan gaat hij als een speer over de hobbels en keien heen. Heel gaaf om te zien, en vooral om te voelen. Het is vaak net een achtbaan :-). En zijn Tibettaanse cassettebandje is onvergetelijk. Mac vond de muziek zo leuk dat ze terug in Lhasa meteen de CD wilde kopen. Helaas heeft ze die niet kunnen vinden…

Overnachten en eten
De steden/dorpjes die we aandeden, hebben op de bezienswaardigheden na weinig te bieden. We mochten al van geluk spreken als we een goed hotel konden vinden en iets behoorlijks om te eten. Qua hotels hebben we 4 van de 6 nachten een redelijk tot goed hotel gehad en de andere 2 waren dramatisch. Een nacht (dag 3 in New Tingri/Shegar) hebben we gekozen voor een kamer met gedeelde douches en toiletten, omdat het enige hotel in het dorp die wel goede kamers had, veels te duur was (30 euro). Mac en Scott kozen wel voor de dure kamer. Achteraf bleek, dat “we had chosen poorly”, zoals Mac dat altijd zegt. We moesten vroeg opstaan (06.00) om de zonsopgang te bekijken, maar helaas was er geen warm water voor 7.30! Wij wilden toen naar het hotel van Mac en Scott lopen om te douchen, maar toen we buiten kwamen, was het pikkedonker en toen beseften we dat we onmogelijk hun hotel zouden kunnen vinden in de bushbush. Helaas pindakaas, dan maar niet douchen :-(. Helemaal zuur, omdat we zeker wisten dat we de volgende nacht in een nog primitievere accommodatie zouden verblijven, nl. de guesthouse van een tempel bij de Everest Base Camp.

Toen we aankwamen bij die tempel (en de guesthouse) wist Scott het al meteen: we gaan hier niet overnachten! Helaas voor Scott was het 3 tegen 1, want we wilden allemaal de Everest zien bij zonsop- en ondergang. De guesthouse was niets meer dan allemaal kamertjes met bedden, geen stromend water, een publieke toilet en een shabby restaurant. We hebben een 4-persoons kamer gedeeld met Mac en Scott, wat overigens heel gezellig was. ’s Avonds hebben we instant-bamisoep gegeten en wat nasi. Niemand van ons is erg gek op yakvlees, en bovendien heeft Scott een zwakke maag, dus die is helemaal voorzichtig met eten. Verder hebben we onze een-na-laatste nacht in Lhasa nog een kamer gedeeld met hen, omdat onze laatste dag bij de Nam Tso Lake niet doorging vanwege hevige sneeuw. We moesten toen ’s avonds op goed geluk een kamer zien te vinden in Lhasa, terwijl het retedruk was in Lhasa vanwege de nationale feestweek.

Van al die dagen hebben we welgeteld 2 keer echt goed gegeten. Eerste keer in Tingri (een van onze slechte nachten) en tweede keer toen we weer terug in Lhasa waren. In Tingri hebben we wat gerechten besteld met z’n allen, zoals Kung Pao kip, hete kip, spinazie, en nog wat groente. Verrassend genoeg smaakte dit zeer goed. Zelfs Scott was te spreken over het eten. In Lhasa snakten we allemaal weer naar behoorlijk eten. We gingen op veilig en kozen voor het restaurant (Dunya) waar Mac en Scott vaak hebben gegeten. De tent is van een Nederlandse eigenaar en ze hebben een westers menu. Toen we aankwamen was de tent helemaal afgeladen. Vreemd genoeg met allemaal blanke bejaarden! Ik en Jiok waren de enige niet-blanken in de tent…. We hebben daar een heerlijke vegetarische burger gegeten met frietjes en verse tomatensoep, hahaha….

Mount Everest
De eerste keer toen we de Mount Everest op grote afstand zagen, was heel bijzonder. De hoogste berg van de wereld! En we zouden de Everest van nog veel dichterbij zien! We zouden nl. naar de Everest Base Camp (EBC) gaan. Helaas gaat de auto niet helemaal naar de EBC toe.

We werden gedropt bij een tempel (de hoogste ter wereld op ruim 5000 m hoogte) en vanaf daar was het nog zo’n 9 km hiken naar de EBC. Of we konden voor 3 euro pp een paard en wagen nemen (enkeltje). Wij besloten te gaan lopen zodra we onze spullen gedumpt hadden in de guesthouse. Al na een paar honderd meter voelden we hoe zwaar het is om op grote hoogte te hiken. Terwijl Scott en Mackenzie in hoog tempo doorliepen, stonden Jiok en ik te hijgen en te puffen na elke paar honderd meter. Meer dan de helft ging ook nog eens bergop! Na een half uur waren we Mac en Scott al uit het oog verloren. En ondertussen zagen we alle luie Chinezen met paard en wagen voorbij komen. Regelmatig is bij ons de gedachte opgekomen: zullen wij ook? Maar nee, volhouden!

Na tweeeneenhalf uur hadden we eindelijk de EBC bereikt. En wat viel dat tegen zeg! Ok, de Everest van zo dichtbij was heeeeel indrukwekkend, maar de Base Camp was slechts een toeristische Base Camp met tenten waar je wat kon eten, drinken en zelfs overnachten. Verder wat souvenirtentjes en zelfs een China Post! Maar geen klimmer te bekennen! We waren zo uitgeput dat we niet eens van de Everest konden genieten…. Het was boven ijskoud en het waaide loeihard. En waar waren Mac en Scott? We dachten dat ze doorgelopen waren (achteraf bleek dat ze op een heuveltje zaten, en ons wel hadden gezien en geroepen), dus zijn we even uit gaan rusten voor de terugtocht. Hoewel de terugtocht veel gemakkelijker is (bergaf voor groot gedeelte), hebben we toch maar gekozen voor de paard en wagen. Ik weet het, heel zwak van ons, maar we hadden heen wel helemaal gelopen en dat gaf ons genoeg voldoening. Mac en Scott hebben de terugweg helemaal gelopen. Zij hadden de EBC bereikt na ca. anderhalf uur lopen. Respect! Ik moet zeggen dat zij de meest fitte Amerikanen zijn die we hebben ontmoet. 

’s Ochtends hebben we de Everest nog bij zonsopgang gezien. Heel erg mooi. Kort daarna moesten we meteen door, want we hadden een lange autorit voor de boeg.

Mensen
We hebben gemerkt dat de lokale bevolking al een beetje is ‘verpest’ door de vele toeristen die Tibet aandoen. Op het moment dat ze ons zien, steken ze meteen hun hand op en zeggen ‘money, money’. Er is enorm veel armoe. Het is triest om te zien hoeveel zwerfkinderen er zijn. Vaak zijn het enorm schattige kinderen en het is dan ook moeilijk om ze niets te geven. Soms geven we ze appels, of koekjes, maar iig geen geld.

We hebben Chinese toeristen gezien die het wel heel bont maken. Chinese toeristen willen nl. en masse op de foto met een lokale Tibettaan, en op het moment dat ze een foto gaan maken duwen ze meteen geld, snoep of een potlood in de handen. Schaamteloos werkelijk. Op veel plaatsen zie je dan ook dat als je een foto van een local wilt maken, steekt ie meteen zijn/haar hand op om geld te vragen. Als je denkt: heee, wat weinig foto’s van mensen, dan is dit de reden…

Wij merken dat de Tibettanen in eerste instantie nogal sceptisch naar ons kijken. Wij zien  er nl. uit als al die andere Chinezen en dus zien ze ons als de ‘onderdrukkers’. Op blanken zie je ze heel anders reageren. Echter, als ze merken dat we uit NL komen, slaat hun houding vaak om en zijn ze aardiger en vooral nieuwsgierig. Wel is het raar om te zien dat er weinig te merken is van de spiritualiteit waar Tibet om bekend staat. Alles draait om overleven en geld. Vaak zijn de toeristen die Tibet aandoen veel spiritueler.

Al met al vinden we Tibet heel indrukwekkend qua natuur en cultuur. Echter, het heeft onze hart nog niet gestolen, zoals we wellicht vooraf verwacht zouden hebben. We willen zeker nog een keer terug gaan om de wat minder gebaande paden te betreden. Tegen die tijd zal er zeker heel veel veranderd zijn.

7 days in Tibet Part II (culturele/historische feiten)

Monday, October 9th, 2006

Ja ja, voor de culturele/historische geinteresseerden zal ik hierbij de culturele en historische feiten op een rijtje zetten over de plaatsen die wij in die 7 dagen in Tibet hebben bezocht.

ROUTE/ HOOGTE

In 7 dagen hebben wij de volgende plaatsen bezocht: Yamdrok Tso Lake, Gyantse (3950m), Shigatse (3900m), Sakya (4280m), Lhatse (4050m), New Tingri (Shegar), Everest Base Camp (5200m) en Nam Tso Lake. Om een indruk te geven hoe hoog sommige plaatsen zijn, heb ik achter sommige plaatsnamen de hoogte vermeld.

INVLOED CHINA IN HET KORT

Zoals de meesten van jullie weten is Tibet geannexeerd door China. Uit strategisch oogpunt maar ook uit economisch oogpunt (natuurlijke grondstoffen e.d.) is Tibet van groot belang voor China. Na tragische opstanden in Tibet in de jaren 50/60 die tot vele doden hebben geleid onder de Tibetanen, de culturele revolutie in de jaren 70 die tot verwoestingen van Tibetaanse kloosters/tempels (uiteraard ook de nodige doden) hebben geleid, is China al enige tijd bezig met een charme offensief dat ertoe zal leiden dat de Tibetanen binnen enkele jaren een minderheidsgroep wordt in eigen land. Charme offensief in die zin dat China de relatie tussen Tibet/China verklaart als een waarbij China Tibet ondersteunt door het verbeteren van de infrastructuur (snelwegen bouwen, nieuwe trein directe verbinding Shanghai-Lhasa, Beijing-Lhasa, Guangdong-Lhasa, Chengdu-Lhasa, nieuwe directe vluchtverbinding Singapore-Lhasa), het verbeteren van de regionale economie (toerisme) en het behoud van het Tibetaanse cultuurgoed. Daarnaast biedt de Chinese regering Chinezen financiele voordelen in de vorm van lage belastingen en subsidies als zij verhuizen naar Tibet om zich aldaar te vestigen.

Ook moet je voor elk klooster in Tibet betalen om het te kunnen bezichtigen. Het ergste daarvan is dat het geld naar de Chinese regering gaat en niet naar het klooster en diens monniken. Meeste mensen geven daarom naast entreegeld ook rechtstreeks geld aan de monniken of laten geld achter op de altaren. Daarnaast houdt de Chinese regering zich heel erg bezig met de populatie van de monniken. Vele kloosters die wij hebben bezocht zijn qua monniken-populatie enorm geslonken. Omdat Tibetanen heel erg gelovig zijn en de monniken veel invloed hebben op de Tibetanen, probeert de Chinese regering hierdoor de invloed van de monniken in te perken.

Ik geef dit jullie nu mee omdat de trieste geschiedenis van Tibet en het charme offensief van China terug te vinden is in elke plaats die je Tibet bezoekt :(.

THE FRIENDSHIP HIGHWAY

De route die wij hebben genomen is de route naar de Nepalese grens. De weg daarnaartoe is tegen onze verwachtingen in bijzonder comfortabel. Je kunt het haast niet voorstellen dat China de wegen door de bergen geasfalteerd heeft. Knap werk daar niet van, maar toch ook tegenstrijdige gevoelens daarover. Dit betekent dat het niet lang zal duren voordat er ook een geasfalteerde weg wordt aangelegd naar de Everest Base Camp. Ben niet een mega natuurvriend, maar dit gaat me wel een beetje te ver. Maar goed, de door China aangelegde snelweg naar de Nepalese grens heet The Friendship Highway. Dubieuze naam niet? Nou The Friendship Highway is de rode draad geweest tijdens onze 7 daagse trip.

YAMDROK TSO LAKE

Yamdrok Tso Lake spreekt eigenlijk voor zich niet waar?! Het is een van de grootste meren in Tibet. Het heeft een waanzinnige ligging. Wij zijn door onze chauffeur Karma gedropt op de berg Kangbala, waar je het meer kunt bewonderen. De berg is 4990 meter hoog.

PELKOR MONASTERY, GYANTSE

Na een bezoekje aan de Yamdrok Tso Lake hebben wij een bezoek gebracht aan de Pelkor Chode Monastery in Gyantse. Dit klooster is bijzonder in die zin dat de drie vormen van Buddhisme die in Tibet wordt uitgeoefend bijelkaar komen. In dit klooster zie je de drie invloeden terugkomen. Ik kan jullie weinig tot niets vertellen over de drie vormen van de Tibetaanse buddhisme, mijn Lonely Planet biedt namelijk daarover weinig info :P.

TASHILHUNPO MONASTERY, SHIGATSE

Na Gyantse zijn wij naar Shigatse gegaan. Shigatse is na Lhasa de grootste stad in Tibet. Shitgatse is ook waar de Tashilhunpo Monastery gevestigd. Tashilhunpo is een soort Potala maar dan voor de Panchen Lama’s. Naast de Dalai Lama’s heb je namelijk ook de Panchen Lama’s. Dalai Lama wordt gezien als een reincarnatie van de buddha of enlightment en de Panchen Lama wordt gezien als een reincarnatie van de buddha of insight. Dus de Panchen Lama is net zo belangrijk als de Dalai Lama. Zoals jullie weten is de Dalai Lama verbannen. De Panchen Lama heeft een net zo dan wel triester verhaal als die van de Dalai Lama. De Chinese regering bemoeit zich al geruime tijd met de reincarnaties van de Lama’s, in het bijzonder die van de Panchen Lama. Net als de Dalai is de Panchen Lama behalve een religieuze leider ook een politieke leider. Net als de Dalai, gaan de monniken op zoek naar de reincarnatie van een overleden Lama. Van een aantal kandidaten gaan de monniken na welke van de kandidaat de meeste overeenkomsten heeft met de overleden Lama, deze wordt alsdan gezien als de reincarnatie van de overleden Lama. De Chinese regering heeft bij het uitzoeken van de 10de Panchen Lama invloed uitgeoefend door o.a. zich te bemoeien met de opvoeding van de Panchen Lama. De 10de Panchen Lama werd daardoor door eigen volk als een soort verrader gezien. De situatie van het Tibetaanse volk gedurende de ‘regeer’ periode van de 10de Panchen Lama was zo slecht dat de 10de Panchen Lama op een gegeven moment een brief schreef aan de Chinese regering. De Chinese regering zag dit als verraad en sloot de Panchen Lama op. De 10de Panchen Lama kwam pas in 1978 vrij (na ruim 10 jaar in de gevangenis te hebben gezeten) en werd door het Tibetaanse volk als volksheld beschouwd. Niet lang daarna, na wederom zijn mening te hebben geuit richting de Chinese regering, overleed de 10de Panchen Lama aan een hartaanval. Het Tibetaanse volk gelooft tot op de dag van vandaag dat de 10de Panchen Lama vergiftigd is. Na de dood van de 10de Panchen Lama hebben de monniken de reincarnatie van de Lama gevonden in een jongetje van 11 jaar oud. Deze is door de Chinese regering in de gevangenis gestopt. Hij is de jongste politieke gevangene ter wereld en de Chinese regering heeft voorkeur uitgesproken voor een ander jongetje van 11 jaar oud die de zoon is van een lid van de Communistische Partij. De monniken werden gedwongen deze jongen als de nieuwe 11de Panchen Lama te aanvaarden. Het leed houdt maar niet op…..

SAKYA MONASTERY, SAKYA

In Sakya hebben wij de Sakya Monastery bezocht die op een defensieve wijze is gebouwd. Ik bedoel daarmee dat er echt een soort muur om het klooster is gebouwd met wachttorens. Voor de culturele revolutie is dit een van de grootste kloosters in Tibet. Maar het klooster is gedurende de culturele revolutie ernstig beschadigd. Tijdens de culturele revolutie zijn heel veel Tibetaanse kloosters/tempels gemolesteerd. In het communisme is namelijk geen plaats voor religie. Veel kloosters zijn afgelopen jaren gerestaureerd. Heel veel Buddhabeelden zijn niet eens meer authenthiek, ze zijn zo ernstig beschadigd dat zij vervangen moesten worden.

RONGPHU MONASTERY, EVEREST BASE CAMP

Niet ver van de Everest Base Camp heb je de Rongphu Monastery, het hoogst gelegen klooster ter wereld. Tegenwoordig stelt dit klooster weinig voor, er zijn slechts ca. 30 monniken daar. Het klooster ligt op 4980 meter hoogte en heeft een verblijfruimte voor de toeristen die de Everest Base Camp willen bezoeken.

NAM TSO LAKE

Nam Tso Lake is het een na grootste zoutwatermeer in China. Wij hebben Nam Tso Lake helaas niet kunnen bewonderen wegens een heftige sneeuwstorm. Zie commentaar van Dennis.

LHASA

Terug in Lhasa reden wij langs het nieuwe gedeelte van Lhasa. Zoals eerder aangegeven bestaat Lhasa uit twee gedeelten. Oud Tibetaans gedeelte en een nieuw Chinees gedeelte. Bij onze terugkomst in Lhasa reden wij langs het nieuwe gedeelte. Wij hadden niet verwacht dat het nieuwe gedeelte zo groot zou zijn. Het is gewoon schrikbarend hoe doordacht de Chinese regering wel niet is met het bevorderen van het toerisme in Tibet. Het is zo doordacht dat het Tibetaanse volk er niet bij gebaat zal zijn. Al het geld zal namelijk naar de Chinezen in Tibet gaan. Het nieuwe gedeelte van Lhasa is een en al Chinees, met hele grote Chinese hotels, Chinese restaurants, Chinese karaoke bars noem maar op. De westerlingen komen niet naar dit gedeelte, kennen dit waarschijnlijk niet eens. Zij verblijven net als wij, en de jonge generatie Chinezen, Japanners, Koreanen etc. in het oude gedeelte van Lhasa. De groep toeristen waarop de Chinese regering doelt zijn de toeristen uit China zelf, toeristen in ’eigen land’.  Geld gaat rechtstreeks van Chinezen naar Chinezen. Het is net begonnen, maar zoals het er nu naar uitziet zal het alleen maar erger worden en dan worden de Tibetanen echt een minderheidsgroep in eigen land. Wij zijn blij dat onze eurootjes naar een Tibetaanse reisburo zijn gegaan…..